HET BOEK ALMA DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 18
36
Toen nu Ammon deze woorden had gesproken, begon hij bij de schepping der wereld, en ook de schepping van Adam, en vertelde hem alle dingen over de val van de mens, en hij averklaarde en sprak uitvoerig over de kronieken en de heilige bSchriften van het volk, die uit de mond der waren gekomen, tot het tijdstip waarop hun vader Lehi Jeruzalem had verlaten, en legde ze hem voor.
Voetnoten
|