De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 11
  45 Welnu, zie, ik heb tot u gesproken over de dood van het sterfelijke lichaam, en ook over de aopstanding van het sterfelijke lichaam. Ik zeg u dat dit sterfelijke lichaam wordt bopgewekt tot een consterfelijk lichaam, dat wil zeggen uit de dood, ja, vanuit de eerste dood tot het leven, zodat zij niet meer kunnen dsterven; hun geest verenigt zich met hun lichaam, om nooit meer gescheiden te worden; aldus wordt het geheel egeestelijk en onsterfelijk, zodat zij geen verderf meer kunnen ervaren.

Voetnoten
45a
Alma 40:23.
  23 De aziel zal tot het blichaam worden chersteld, en het lichaam tot de ziel; ja, en ieder lid en gewricht zal tot zijn lichaam worden hersteld; ja, er zal zelfs geen haar van het hoofd verloren gaan; maar alle dingen zullen tot hun eigen en volmaakte gedaante worden hersteld.
LV 88:16.
  16 En de aopstanding uit de doden is de verlossing der ziel.
b
c
d
Op. 21:4.
LV 63:49.
  49 Ja, en gezegend zijn de doden die van nu af aan asterven in de Heer, want wanneer de Heer komt en oude dingen bvergaan en alle dingen nieuw worden, zullen zij uit de doden copstaan en niet meer dsterven, en zij zullen voor het aangezicht des Heren een erfdeel ontvangen in de heilige stad.
LV 88:116.
  116 Dat is de heerlijkheid van God en van de ageheiligden, en zij zullen de bdood nooit meer aanschouwen.
e
1 Kor. 15:44.