De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige
HET BOEK ABRAHAM
VERTAALD VAN DE PAPYRUS DOOR JOSEPH SMITH
HOOFDSTUK 1
  31 Maar de kronieken van de vaderen, ja, de patriarchen, aangaande het recht op het priesterschap, bewaarde de Heer, mijn God, in mijn handen; daarom bezit ik tot op deze dag de kennis van het begin van de schepping en ook van de aplaneten en van de sterren, zoals ze de vaderen bekendgemaakt zijn, en ik zal trachten enkele van die dingen in deze kroniek te schrijven ten nutte van mijn nageslacht dat na mij zal komen.

Voetnoten
31a
Abr. 3:1–18.
  1 En ik, Abraham, had de aUrim en Tummim, die de Heer, mijn God, mij gegeven had in Ur der Chaldeeën;