De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
DRIE NEPHI
Het boek Nephi

DE ZOON VAN NEPHI, DIE DE ZOON VAN HELAMAN WAS
HOOFDSTUK 20
  22 En zie, Ik zal dit volk in dit land vestigen ter vervulling van het averbond dat Ik heb gesloten met uw vader Jakob; en het zal een bnieuw Jeruzalem zijn. En de machten des hemels zullen te midden van dit volk zijn; ja, namelijk cIk zal in uw midden zijn.

Voetnoten
22a
Gen. 49:22–26.
LV 57:2–3.
  2 Daarom is dit het land van belofte, en de aplaats voor de stad bZion.
b
Jes. 2:2–5.
3 Ne. 21:23–24.
  23 en zij zullen mijn volk, het overblijfsel van Jakob, bijstaan, en tevens zovelen van het huis Israëls als er zullen komen, om een stad te kunnen bouwen die het anieuwe Jeruzalem zal worden genoemd.
Ether 13:1–12.
  1 En nu ga ik, Moroni, mijn kroniek van de vernietiging van het volk waarover ik heb geschreven, beëindigen.
LV 84:2–4.
  2 Ja, het woord des Heren aangaande zijn kerk, die in de laatste dagen is gesticht voor de aherstelling van zijn volk, zoals Hij heeft gesproken bij monde van zijn bprofeten, en voor de vergadering van zijn cheiligen om te staan op de dberg Zion, hetgeen de stad eNieuw-Jeruzalem zal zijn.
c
Jes. 59:20–21.
Mal. 3:1.
3 Ne. 24:1.
  1 En het geschiedde dat Hij hun gebood de woorden op te schrijven die de Vader aan Maleachi had gegeven en die Hij hun moest verkondigen. En het geschiedde, toen zij waren opgeschreven, dat Hij ze uitlegde. En dit zijn de woorden die Hij hun verkondigde, zeggende: Aldus zeide de Vader tot Maleachi: Zie, Ik zend mijn abode, die voor mijn aangezicht de weg bereiden zal; en de Heer, die gij zoekt, zal plotseling tot zijn tempel komen, namelijk de bode des verbonds, in wie gij u verheugt. Zie, Hij komt, zegt de Heer der heerscharen.