De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige
DRIE NEPHI
Het boek Nephi

DE ZOON VAN NEPHI, DIE DE ZOON VAN HELAMAN WAS
HOOFDSTUK 15
  24 Maar zie, gij hebt zowel amijn stem gehoord als Mij gezien; en gij zijt mijn schapen en gij wordt gerekend onder hen die de Vader Mij heeft bgegeven.

Voetnoten
24a
Alma 5:38.
  38 Zie, ik zeg u dat de goede aherder u roept; ja, en met zijn eigen naam roept Hij u, welke de naam van Christus is; en indien gij niet wilt bluisteren naar de stem van de cgoede herder, naar de dnaam waarmee gij wordt geroepen, zie, dan zijt gij niet de schapen van de goede herder.
3 Ne. 16:1–5.
  1 En voorwaar, voorwaar, Ik zeg u dat Ik aandere schapen heb die niet in dit land zijn, noch in het land Jeruzalem, noch in enig deel van het omliggende land waar Ik ben geweest om te dienen.
b
Joh. 6:37.
LV 27:14.
  14 en ook met allen die mijn Vader Mij uit de wereld heeft agegeven.