DRIE NEPHI Het boek Nephi DE ZOON VAN NEPHI, DIE DE ZOON VAN HELAMAN WAS
HOOFDSTUK 12
1
En zie, het geschiedde, toen Jezus die woorden tot Nephi had gesproken, en tot hen die geroepen waren — en het aantal van hen dat geroepen was en de macht en het gezag had ontvangen om te dopen, was atwaalf — dat Hij zijn hand tot de menigte uitstrekte en hen toeriep, zeggende: zijt gij indien gij acht slaat op de woorden van deze twaalf die Ik uit uw midden heb cgekozen om u te leren en uw dienstknecht te zijn; en Ik heb hun de macht gegeven om u met water te dopen; en zie, nadat gij met water zijt gedoopt, zal Ik u dopen met vuur en met de Heilige Geest; daarom, gezegend zijt gij indien gij in Mij gelooft en u laat dopen nadat gij Mij hebt gezien en weet dat Ik ben.
Voetnoten
|