De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
DRIE NEPHI
Het boek Nephi

DE ZOON VAN NEPHI, DIE DE ZOON VAN HELAMAN WAS
Dit beslaat de hoofdstukken 11 tot en met 26.
HOOFDSTUK 11
  39 Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u dat dit mijn leer is, en wie daarop abouwt, bouwt op mijn rots, en de bpoorten der hel zullen hem niet overweldigen.

Voetnoten
39a
Matt. 7:24–29.
Hel. 5:12.
  12 En nu, mijn zonen, bedenkt, bedenkt, het is op de arots van onze Verlosser, die Christus is, de Zoon Gods, dat gij uw bfundament moet bouwen; zodat, wanneer de duivel zijn krachtige winden zendt, ja, zijn pijlen in de wervelwind, ja, wanneer al zijn hagel en zijn hevige cstorm u zullen striemen, die geen macht over u zullen hebben om u neer te sleuren in de afgrond van ellende en eindeloos wee, wegens de rots waarop gij zijt gebouwd, die een vast fundament is; en als de mensen op dat fundament bouwen, kunnen zij niet vallen.
b
3 Ne. 18:12–13.
  12 En Ik geef u een gebod die dingen te doen. En indien gij die dingen steeds doet, zijt gij gezegend, omdat gij zijt gebouwd op mijn arots.