De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
DRIE NEPHI
Het boek Nephi

DE ZOON VAN NEPHI, DIE DE ZOON VAN HELAMAN WAS
Dit beslaat de hoofdstukken 11 tot en met 26.
HOOFDSTUK 11
  11 En zie, Ik ben het alicht en het leven der wereld; en Ik heb gedronken uit die bittere bbeker die de Vader Mij heeft gegeven en heb de Vader verheerlijkt door de czonden der wereld op Mij te nemen, waarmee Ik Mij in alle dingen aan de dwil van de Vader heb onderworpen vanaf het begin.

Voetnoten
11a
b
Matt. 26:39, 42.
c
Joh. 1:29.
LV 19:18–19.
  18 welk lijden Mij, ja, God, de grootste van allen, van pijn deed sidderen en uit iedere porie bloeden, en naar lichaam en geest deed lijden — en Ik wilde dat Ik de bittere beker aniet behoefde te drinken, en kon terugdeinzen —
d
Marc. 14:36.
Joh. 6:38.
LV 19:2.
  2 Ik heb de wil van Hem van wie Ik ben, namelijk de Vader, aangaande Mij auitgevoerd en volbracht — en heb dat gedaan, opdat Ik alle dingen aan Mij zou kunnen bonderwerpen