De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
Het Tweede Boek Nephi
HOOFDSTUK 2
  6 Daarom komt er averlossing in en door de heilige bMessias; want Hij is vol cgenade en waarheid.

Voetnoten
6a
1 Ne. 10:6.
  6 Welnu, het ganse mensdom verkeerde in een verloren en agevallen staat, en zou voor eeuwig zo blijven, tenzij het zich op die Verlosser verliet.
2 Ne. 25:20.
  20 En nu, mijn broeders, ik heb duidelijk gesproken, zodat gij u niet kunt vergissen. En zowaar de Here God leeft, die aIsraël uit het land Egypte leidde en Mozes macht gaf om de natiën te bgenezen toen zij door de giftige slangen waren gebeten — indien zij wilden opblikken naar de cslang die hij voor hun ogen verhief — en hem ook macht gaf om de drots te slaan, zodat er water uit zou komen; ja, zie, ik zeg u dat zowaar als die dingen waar zijn en als de Here God leeft, er geen andere enaam onder de hemel is gegeven waardoor een mens kan worden gered, dan deze Jezus Christus van wie ik heb gesproken.
Alma 12:22–25.
  22 Nu zeide Alma tot hem: Dat is het wat ik juist wilde uitleggen. Nu zien wij dat Adam aviel door te nemen van de verboden bvrucht, volgens het woord Gods; en zo zien wij dat door zijn val het gehele mensdom een cverloren en gevallen volk werd.
b
c
Joh. 1:14, 17.
Moz. 1:6.
  6 En Ik heb een werk voor u, Mozes, mijn zoon; en gij zijt naar de agelijkenis van mijn bEniggeborene; en mijn Eniggeborene is en zal zijn de cHeiland, want Hij is vol dgenade en ewaarheid; maar buiten Mij is er fgeen God, en alle dingen zijn aanwezig bij Mij, want Ik gken ze alle.