De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET EERSTE BOEK NEPHI
ZIJN REGERING EN ZIJN BEDIENING
HOOFDSTUK 19
  3 En toen ik deze platen vanwege het gebod had gemaakt, ontving ik, Nephi, een gebod dat de bediening en de profetieën — de duidelijkste en waardevolste gedeelten daarvan — op adeze platen moesten worden geschreven; en dat de dingen die geschreven waren, moesten worden bewaard voor het onderrichten van mijn volk dat het land zou bezitten, en ook voor andere bwijze doeleinden, welke doeleinden de Heer bekend zijn.

Voetnoten
3a
Jakob 1:1–4.
  1 WANT zie, het geschiedde dat er vijfenvijftig jaar waren verstreken vanaf het tijdstip waarop Lehi Jeruzalem had verlaten; welnu, Nephi gaf mij, aJakob, een bgebod aangaande de ckleine platen waarop deze dingen zijn gegraveerd.
Jakob 3:13–14.
  13 En nog geen honderdste deel van de handelingen van dit volk, dat nu talrijk begon te worden, kan op adeze platen worden geschreven; vele van hun handelingen zijn echter geschreven op de grote platen, alsmede hun oorlogen en hun twisten en de regering van hun koningen.
Jakob 4:1–4.
  1 Welnu, zie, het geschiedde dat ik, Jakob, die mijn volk veel met het woord had gediend — en ik kan slechts een klein gedeelte van mijn woorden opschrijven, omdat het moeilijk is onze woorden op platen te graveren — en wij weten dat de dingen die wij op platen schrijven, zeker zullen blijven bestaan;
b
1 Ne. 9:4–5.
  4 Op de andere platen moet een verslag worden gegraveerd van de regering der koningen, en de oorlogen en twisten onder mijn volk; daarom gaan deze platen voor het grootste deel over de bediening; en de aandere platen gaan voor het grootste deel over de regering der koningen en de oorlogen en twisten onder mijn volk.
WvM. 1:7.
  7 En ik doe dit met een awijs oogmerk; want aldus wordt mij ingefluisterd door de werkingen van de Geest des Heren, die in mij is. En nu, ik weet niet alle dingen; maar de Heer bweet wél alle dingen die komen zullen; daarom werkt Hij in mij, zodat ik naar zijn wil handel.
LV 3:19–20.
  19 En juist voor dit adoel zijn deze bplaten, die deze kronieken bevatten, bewaard: dat de cbeloften des Heren, die Hij zijn volk heeft gedaan, zullen worden vervuld;
LV 10:1–51.
  1 WELNU, zie, Ik zeg u: Omdat u die geschriften, waarvoor u macht werd gegeven om ze door middel van de aUrim en Tummim te vertalen, aan een bgoddeloos mens hebt overhandigd, hebt u ze verloren.