De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET EERSTE BOEK NEPHI
ZIJN REGERING EN ZIJN BEDIENING
HOOFDSTUK 19
  11 Want aldus sprak de profeet: Gewis zal de Here God te dien dage het gehele huis Israëls abezoeken, sommigen met zijn stem wegens hun gerechtigheid, tot hun grote vreugde en heil, en anderen met de bdonderslagen en de bliksemschichten van zijn macht, door orkaan, door vuur en door rook en damp van cduisternis en door het openen van de daarde en door ebergen die zullen worden opgeheven.

Voetnoten
11a
3 Ne. 9:1–22.
  1 En het geschiedde dat er onder alle bewoners der aarde, over het gehele oppervlak van dit land, een astem werd gehoord, roepende:
LV 5:16.
  16 En zie, wie in mijn woorden ageloven, die zal ik bbezoeken met de cmanifestatie van mijn dGeest; en zij zullen uit Mij worden egeboren, ja, uit water en uit de Geest —
b
Hel. 14:20–27.
  20 Doch zie, zoals ik u heb gezegd aangaande een tweede ateken, een teken van zijn dood, zie, op die dag dat Hij de dood ondergaat, zal de zon bverduisterd worden en weigeren u haar licht te geven; en eveneens de maan en de sterren; en er zal geen licht zijn op het oppervlak van dit land, ja, vanaf de tijd dat Hij de dood ondergaat, tot de tijd dat Hij uit de doden opstaat, cdrie dagen lang.
3 Ne. 8:5–23.
  5 En het geschiedde in het vierendertigste jaar, in de eerste maand, op de vierde dag van de maand, dat er een grote storm opstak, een storm zoals er nog nooit een was gekend in het gehele land.
c
Luc. 23:44–45.
3 Ne. 8:19–20.
  19 En het geschiedde, toen de donderslagen en de bliksemschichten en de storm en de orkaan en het beven van de aarde ophielden — want zie, zij duurden ongeveer adrie uur lang; en sommigen zeiden dat de tijd langer was; niettemin gebeurden al die grote en verschrikkelijke dingen in een tijdsbestek van ongeveer drie uur — en zie, toen was er duisternis op het oppervlak van het land.
d
2 Ne. 26:5.
  5 En zij die de profeten en de heiligen doden, de diepten der aarde zullen hen averzwelgen, zegt de Heer der heerscharen; en bbergen zullen hen bedekken, en wervelwinden zullen hen wegvoeren, en gebouwen zullen op hen vallen en hen vermorzelen en tot poeder vermalen.
e
3 Ne. 8:10.
  10 En er werd aarde op de stad Moronihah gestort, zodat er in de plaats van de stad een grote berg ontstond.