De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET EERSTE BOEK NEPHI
ZIJN REGERING EN ZIJN BEDIENING
HOOFDSTUK 16
  7 En het geschiedde dat ik, Nephi, een van de adochters van Ismaël tot bvrouw nam; en ook mijn broeders namen dochters van Ismaël tot vrouw; en ook cZoram nam de oudste dochter van Ismaël tot vrouw.

Voetnoten
7a
1 Ne. 7:1.
  1 En nu wil ik dat gij weet dat toen mijn vader Lehi zijn aprofetieën over zijn nageslacht had beëindigd, het geschiedde dat de Heer wederom tot hem sprak, zeggende dat het niet goed voor hem, Lehi, was dat hij alleen zijn eigen gezin zou meenemen de wildernis in, maar dat zijn zoons bdochters tot cvrouw moesten nemen om voor de Heer nageslacht te verwekken in het land van belofte.
b
c
1 Ne. 4:35.
  35 En het geschiedde dat aZoram moed vatte dankzij de woorden die ik had gesproken. Zoram nu was de naam van de dienstknecht; en hij beloofde in de wildernis af te dalen naar onze vader. Ja, en hij bezwoer ons ook vanaf die tijd bij ons te blijven.
2 Ne. 5:5–6.
  5 En het geschiedde dat de Heer mij, aNephi, bwaarschuwde om van hen weg te gaan en de wildernis in te vluchten, en allen die met mij mee wilden gaan.