De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET EERSTE BOEK NEPHI
ZIJN REGERING EN ZIJN BEDIENING
HOOFDSTUK 13
  36 En daarin zal mijn aevangelie worden geschreven, zegt het Lam, en mijn brots en mijn redding.

Voetnoten
36a
3 Ne. 27:13–21.
  13 Zie, Ik heb u mijn aevangelie gegeven, en dit is het evangelie dat Ik u heb gegeven: dat Ik in de wereld ben gekomen om de bwil te doen van mijn Vader, want mijn Vader heeft Mij gezonden.
b
Hel. 5:12.
  12 En nu, mijn zonen, bedenkt, bedenkt, het is op de arots van onze Verlosser, die Christus is, de Zoon Gods, dat gij uw bfundament moet bouwen; zodat, wanneer de duivel zijn krachtige winden zendt, ja, zijn pijlen in de wervelwind, ja, wanneer al zijn hagel en zijn hevige cstorm u zullen striemen, die geen macht over u zullen hebben om u neer te sleuren in de afgrond van ellende en eindeloos wee, wegens de rots waarop gij zijt gebouwd, die een vast fundament is; en als de mensen op dat fundament bouwen, kunnen zij niet vallen.
3 Ne. 11:38–39.
  38 En wederom zeg Ik u, gij moet u bekeren, en u laten dopen in mijn naam, en worden als een klein kind, anders kunt gij het koninkrijk Gods geenszins beërven.